Tag Archives: Art

Black

Een korte geschiedenis van bijzondere en gevaarlijke kleuren in de kunst.

Source: The Creators Project

Waarom we blij moeten zijn dat kunstenaars het zwartste zwart niet mogen gebruiken

Een druppel water op een oppervlak van Vantablack. Foto via Surrey NanoSystems

Vorige week kwam het nieuws naar buiten dat Anish Kapoor de exclusieve rechten heeft verkregen op Vantablack, het zwartste zwart ooit gemaakt. De substantie is ontwikkeld door Surrey NanoSystems en bestaat uit koolstof nanobuisjes die 10.000 keer dunner zijn dan een mensenhaar. Het zorgt voor een ongelofelijk donkere substantie, die nagenoeg al het licht absorbeert dat erop valt. Sinds afgelopen vrijdag is Vantablack bovendien nóg wat donkerder, zo meldden onze vrienden van Motherboard. Tot nu toe had niemand toestemming om de kleur te gebruiken. Een revolutionaire kleur als deze is namelijk niet zonder gevaren, zo leert de geschiedenis ons.

Vantablack mag dan de kleur van dit moment zijn, het is niet de eerste keer dat een kleur een publieke rel tot gevolg heeft. Van ‘International Klein Blue’ en het Scheelesgroen dat naar verluidt verantwoordelijk was voor de dood van Napoleon tot de controversiële kleuren die worden gebruikt om ons voedsel aantrekkelijker te maken; kunstmatige kleuren zijn tot de dag van vandaag controversieel.

Waar andere kunstenaars hebben geprobeerd om anderen ervan te weerhouden hun kleuren te gebruiken, heeft Kapoor (nog) geen egoïstische claim op het gebruik van zijn Vantablack gelegd. Anderen deden dat wel. In 1960 ontwikkelde Yves Klein bijvoorbeeld de kleur ‘International Klein Blue’, een rijk, ultramarijn blauw dat hij gebruikte in zijn beroemde monochrome schilderijen. Klein werkte voor het maken van de intense kleur samen met scheikundige Edouard Adam, en hoewel hij nooit officieel een patent op de kleur verkreeg, was hij wel zo trots op het blauw dat hij besloot niet alleen de kleur zelf, maar ook de lucht te claimen als zijn uitvinding. In 1961 sprak Klein zelfs zijn ongenoegen over vogels uit, omdat ze de hele tijd door “zijn blauwe lucht” vlogen, zijn “grootste en mooiste werk ooit.”

untitled-blue-monochrome-1960-1.jpgYves Klein, Untitled Blue Monochrome (1960). Afbeelding via Wikiart 

International Klein Blue is een verfsoort, anders dan Vantablack, die is opgebouwd uit microscopische, koolstofnanobuisjes, en die op platte oppervlakten toegepast kan worden. Een variatie van Vantablack, genaamd ‘Vantablack S-VIS’, kan ook als een spray worden gebruikt. Het nieuwe materiaal heeft, althans in theorie, een enorm potentieel voor verschillende toepassingen, zowel wetenschappelijk als kunstzinnig. Tot op heden is de kleur alleen nog nooit voor artistieke doeleinden gebruikt, omdat het “in het algemeen niet geschikt is om in de kunst gebruikt te worden, door de manier waarop het gemaakt is,” zo staat te lezen op Surrey NanoSystem’s FAQ pagina.

Een van de redenen is dat het materiaal mogelijk gevaarlijk kan zijn. De nanobuisjes zouden los kunnen komen en ogen en ademhalingswegen kunnen irriteren. De originele versie van de kleur kon alleen gebruikt worden op substanties waarvan het smeltpunt hoger dan 550 graden celsius ligt, wat impliceert dat de substantie materialen met een lager smeltpunt zou aantasten. De substantie komt met verder met het waarschuwingslabel ‘specific target organ toxicity – single exposure’, wat volgens de Globally Harmonized System of Classification and Labeling of Chemicals betekent dat het “ernstige schade kan toebrengen aan specifieke organen nadat je ermee in aanraking komt.” Geen materiaal om lichtjes mee om te springen dus, zeker gezien het feit dat het nog niet eens volledig getest is, laat staan in gebruik genomen.

napoleon.pngEen benadering van Scheele’s Groen. Afbeelding via knowledgenuts.com

Voor zover bekend is Vantablack niet kankerverwekkend, een gevaar dat wel rond een aantal andere populaire kleuren uit de geschiedenis hing. Een van de beroemdste is Scheelesgroen, een pigment dat aan het einde van de achttiende eeuw ontwikkeld werd door de scheikundige Carl Wilhelm Scheele en dat volgens sommigen zelfs verantwoordelijk was voor de dood van Napoleon. De kleur, waarvan de scheikundige naam waterstofkoperarsenaat is, was rond die tijd zeer populair in rijke huishoudens. Wat men echter niet wist, was dat de kleur in contact met water of vochtigheid kleine hoeveelheden arsenaat vrijgaf. Een paar grote muren in het paleis van Napoleon, waaronder in zijn badkamer, bevatte patronen geschilderd in Scheelesgroen, en sommige historici denken dat de grote hoeveelheden arsenaat in het haar van Napoleon erop wijzen dat het uiteindelijk die kleur was die hem de das om deed, of op zijn minst zijn fatale maagkanker veroorzaakte of verergerde.

Arsenaatsvergifting veroorzaakt een hele waslijst aan nare symptomen. In 1839 stierven vier kinderen in dezelfde Londense familie na klachten over een zere keel en problemen met luchthalen. De muren van hun slaapkamer waren recentelijk geschilderd, in het groen. In 1858 at een drie jaar oude kleuter een stukje scheelesgroenbehang van de muur, en stierf niet lang erna. En dan is er nog de anekdote over een stel uit Birmingham, dat hun kamer met hetzelfde groene behang had versierd. Niet snel daarna werden zowel zij als hun papegaai ziek, met klachten over branderige ogen, zere kelen en een hoofdpijn die verdween zodra ze hun huis uitgingen.

Ondanks deze horrorverhalen was de groene kleur nog tot ver in de negentiende eeuw populair. Fabrikanten van de kleur ontkenden de negatieve gezondheidseffecten van Scheelesgroen stelselmatig, uit vrees voor dalende verkoopcijfers.

Een ander voorbeeld van een dodelijke kleurstof is loodhoudende verf. Anders dan bij arsenaat, duurde het nog veel langer tot zowel het grote publiek als schilders inzagen dat de dodelijke loodverf schadelijk was. Tot de vroege twintigste eeuw was ‘wit gelood’ bijvoorbeeld een van de populairste verfsoorten om zowel je huis als je schilderij mee te beschilderen, dankzij zijn ongeevenaarde verfkwaliteiten als hoge verzadiging en goede dekking. In 1910 bedacht de National Lead Company om de verf in de markt te zetten zelfs de term ‘white-leaders’; “voor mannen die geloven in de kracht van wit-gelood.” Reclamemakers gebruikten het loodpigment schaamteloos als de beste optie voor witte verf, ondanks het feit dat lood al eeuwen bekend stond als een gevaarlijke stof, die zelfs al in het oude Egypte gebruikt werd als dodelijk vergif.

Ook van sommige beroemde schilders wordt vermoed dat ze stierven aan de gevolgen van loodvergiftiging. Ook zou het een mogelijke verklaring kunnen zijn voor de veelvoorkomende ‘schildersgekte’. In 2010 ontdekten wetenschappers hoge loodconcentraties in Caravaggio’s botten, waarna ze concludeerden dat hij gestorven moest zijn aan loodvergiftiging. Ook Michelangelo’s jicht wordt in verband gebracht met loodconcentraties in de verf (en de wijn) die hij gebruikte. En ook Francisco Goya’s gebruik van witlood, Napelsgeel, en een extract van Saturn, allemaal kleuren die hij met zijn vingers op het doek aanbracht, hebben volgens onderzoekers geleid tot vergiftiging.

orange.jpgSommige sinaasappels worden gekleurd met de kunstmatige tint Citrus Red 2. Afbeelding via Imgur 

Ook vandaag de dag zijn kunstmatige kleuren niet bijzonder goed voor onze gezondheid. In 2010 publiceerde het Center for Science in the Public Interest (CSPI) een rapport met de titel Food Dyes: A Rainbow of Risks, waarin onder meer de gevaren van de mogelijk kankerverwekkende kleurstof als Citrus Red 2 uiteen worden gezet, een pigment dat gebruikt wordt om de schil van sinaasappels er feller uit te laten zien. Van die kleur werd ontdekt dat hij blaastumoren veroorzaakte in muizen en ratten. Ook voor de kleurstof Yellow 6, die veel gebruikt wordt in onder andere snoep en sauzen, werden vergelijkbare resultaten gevonden.

Het is te makkelijk om Kapoor erop aan te kijken dat hij Vantablack met het patent nu voor zichzelf heeft geclaimd en de revolutionaire substantie niet met andere kunstenaars hoeft te delen. Dat is onterecht. Zijn studio fungeert als het ware als een soort tweede wetenschappelijk lab, waar het artistieke potentieel van het zwartste zwart eerst gecontroleerd getest kan worden door een team dat de middelen heeft om dat op een verstandige manier te doen. Mocht de kleur geen gezondheidsgevaren opleveren, dan is de kans groot dat-ie vrijgegeven zal worden aan de wereld, waarna we heel veel intens zwarte kunst kunnen verwachten. Maar gezien de vaak dodelijke historie van andere ‘innovatieve’ kleuren, is het geen slecht idee om daar heel even mee te wachten.

Advertisements

Digitale Kunst Op De Nederlandse Kunstacademies

We maakten een rondje langs vijf kunstopleidingen om te horen hoe ze de volgende generatie digitale kunstenaars klaarstomen.

Source: The Creators Project

Hoe gaan Nederlandse kunstacademies om met digitale kunst?

The Creators Project staat deze hele week in het teken van digitale kunst. Samen met vooraanstaande kunstenaars, curatoren, galeriehouders en verzamelaars verkennen we de kunstwereld van morgen.

Foto met dank aan FROM FORM, via

De jeugd heeft de toekomst, en wij durven wel te voorspellen dat er in die toekomst een belangrijke rol is weggelegd voor digitale kunst. Maar hoe worden de kunstenaars van morgen daarop voorbereid? Hoe gaan opleidingen om met de snel veranderende digitale mogelijkheden, en welke opleiding moet je kiezen als jij de volgende grote internetkunstenaar wil worden? We maakten een rondje langs de grootste kunstacademies van Nederland om te vragen hoe het ervoor staat met de digitale kunsten in het onderwijs.

ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten,  Arnhem

 

Een korte compilatie van studentenwerk van ArtEZ

Bij de opleiding Interaction Design draait alles om individuele ontwikkeling, vertelt docent Richard Vijgen. “Wat het onderscheidt van andere hbo-opleidingen die zich bezighouden met mediadesign, is dat er hier om gaat dat de student zich ontwikkelt als auteur. Vanuit de opleiding leren studenten fundamentele basisvaardigheden als programmeertechnieken, ontwerpprincipes en mediatheorie, en vervolgens gaan ze zelf aan de slag, onder begeleiding van gespecialiseerde docenten.” De opleiding is er verder op ingesteld dat de studenten zelf veel kennis kunnen ophalen bij specifieke online community’s, verklaart Vijgen. “Je kunt niet alle kennis op de academie in huis hebben – daarvoor is er teveel. Maar dankzij het internet zijn alle technieken die ze kunnen gebruiken beter gedocumenteerd dan ooit, en kunnen ze zich zelfstandig specialiseren.” Voorbeelden van recente projecten: een wifi-afwerend isolatiemateriaal genaamd de WiFi Bunker, van Amy Whittle, en de Mirror Mask van Michelle van Ool, een interactieve lichtinstallatie die geproduceerd wordt vanuit een glazen masker.

Gerrit Rietveld Academie, Amsterdam

Jennifer in Paradise, Constant Dullaart. Via

De Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam heeft een breed aanbod, variërend van mode tot edelsmeden. Van een zwaartepunt op digitale technieken kun je niet echt spreken, al worden deze wel hier en daar toegepast. Vooral bij de afdeling VAV, Voorheen Audio Visueel, waar Maarten Rots animatie doceert. “We bieden wel wat digitale technieken aan, maar dat zijn vooral de basics,” vertelt hij. “We faciliteren bijvoorbeeld wel hoe je met Arduino kunt werken (dat is een open source computerplatform dat via inputsignalen op zijn omgeving kan reageren), en in de vorm van workshops kunnen studenten leren hoe deze ze moeten programmeren – benaderbare programmeertaal, overigens. Maar over het algemeen geloven we vooral in een aanpak vanuit het concept, en zien we digitale middelen als extra medium om kunst mee te maken.” Dat de Rietveld Academie van huis uit geen opleidingen aanbiedt die echt nadrukkelijk gebruik maken van digitale technieken, wil niet zeggen dat er nauwelijks kunstenaars vandaan komen die zich juist vooral in dat veld begeven. Een bekende alumnus is bijvoorbeeld digitaal kunstenaar Constant Dullaart.

HKU (Hogeschool voor de Kunsten Utrecht)

Screenshot van Lumini, via

De HKU (Hogeschool voor de Kunsten Utrecht) heeft acht verschillende zogeheten schools, en twee daarvan richten zich op een zeer specifiek kunstgebied: de een met betrekking op games (Games en Interactie), en de ander richt zich op muziek (Muziek en Technologie). En dat is niet het enige, want álle acht schools werken nauw samen met vier expertisecentra, waaronder het Expertisecentrum Creatieve Technologie – een plek waar ideeën worden ontwikkeld rondom de combinatie van kunst en technologie. Oftewel: de technologische kennis van deze broedplaats kun je terugvinden in iedere vestiging van de academie. “Digitaal en analoog trekken steeds meer naar elkaar toe,” zegt Marinka Copier, directeur van dit expertisecentrum. “Geen enkele kunstdiscipline onttrekt zich hieraan. We zien digitale technieken niet zozeer als iets aparts, maar meer als iets dat je bijna overal in kunt implementeren.” Wat voor resultaten dat zoal oplevert? Van sprookjesachtige game art en een virtuele flipperkast tot een niet-lineaire animatieserie over geheime signalen tijdens de Koude Oorlog.

Academie Beeldende Kunsten Maastricht

Venster, Tom Luyten

Op de Maastricht Academy of Media Design and Technology zijn studenten bezig met digitale applicaties, websites, maar ook met installaties en interactieve films. “Onze lijfspreuk is een beroemde uitspraak van de Britse muziekproducent Brian Eno,” zegt Rob Delsing, docent Multimedia Storytelling. “What is possible in art becomes thinkable in life. Kunst vormt de inspiratiebron voor veelal toegepaste, technologische innovaties.” De installatie Venster bijvoorbeeld, van Tom Luyten, is een soort digitaal raam waarin je verschillende ‘uitzichten’ kunt laten zien, bedoeld voor verzorgingstehuizen. “Maar er zijn ook projecten die wat minder direct toepasbaar zijn, en wat meer uitgaan van het esthetische,” voegt Delsing toe. “Nu is er bijvoorbeeld een student bezig om onderzoek te doen naar de kwaliteit van discussies op Twitter, en dat verwerkt ze in de vorm van tapijten.” Waar liggen de komende tijd vooral de speerpunten? “Ik heb het idee dat er steeds minder met het beeldscherm wordt gedaan, en juist meer met installaties, de publieke ruimte en virtual reality. In Sittard hebben we recent nog MediaValley opgezet, een platform waar wordt onderzocht hoe je technologieën als virtual reality en interactieve video kunt inzetten om nieuwe journalistieke vertelvormen mee te ontwikkelen.”

Willem de Kooning Academie, Rotterdam

Klok, Kevin Verbeek. Via

Op de Willem de Kooning Academie kunnen studenten de minor Digital Craft volgen, waarin ze leren hoe ze nieuwe technologieën kunnen inzetten voor hun werk. Iedere discipline zou je er in principe kunnen aantreffen: audiovisueel, animatie, maar ook grafisch ontwerp en zelfs mode – denk bijvoorbeeld aan wearables. “Studenten krijgen opdrachten die per jaar kunnen verschillen,” vertelt Jon Stam, mede-ontwikkelaar en docent van de minor. “Verder hebben ze zelf de vrijheid om te bepalen wat ze ermee doen.” Voor een van deze opdrachten werden studenten gevraagd om een computergeheugen te creëren. “Het had een miljard keer zo weinig capaciteit als een gemiddelde USB-stick, maar het ging er vooral om dat we konden laten zien hoe digitaal geheugen überhaupt werkt.” In een ander geval moesten studenten hun eigen tools ontwerpen – ze mochten zelf bepalen wat ze onder een tool verstaan, het kon een werkgereedschap zijn, maar ook een voorwerp dat aanzet tot nadenken. “Een audiovisueel-student maakte bijvoorbeeld een digitale klok die er vijftien minuten over doet om de volgende tijdsaanduiding te renderen,” vertelt Stam. “Dat kwam voort uit zijn eigen ervaringen als filmmaker, en de frustrerend lange tijd die hij kwijt is aan het renderen van zijn beelden.” Een andere student maakte een tool die alle tweets binnen een straal van vijfhonderd meter hardop uitsprak. “Toen hij het ging testen, hoorde hij dat veel mensen in de buurt over elkaar aan het twitteren waren. En dat een van zijn buurtbewoners nogal racistisch was.”

Internetkunst voor aan de muur: de wederopstanding van het digitale fotolijstje | The Creators Project

Hang het scherm van Electric Objects aan de muur en je kunt er meteen exclusieve digitale kunst op downloaden.

Source: The Creators Project

Internetkunst voor aan de muur: de wederopstanding van het digitale fotolijstje

The Creators Project staat deze hele week in het teken van digitale kunst. Samen met vooraanstaande kunstenaars, curatoren, galeriehouders en verzamelaars verkennen we de kunstwereld van morgen.

Lionsong door Björk, Inez & Vinoodh en Aaron Pronger. Alle afbeeldingen met dank aan Electric Objects.

Digitale kunst klinkt leuk, maar hoe hang je het in godsnaam aan de muur? Het is een vraag waar niet alleen musea maar vooral ook particuliere verzamelaars mee zitten. Musea hebben allicht de middelen om bijvoorbeeld tijdelijk een muur van tv-schermen neer te zetten, maar thuis is dat al een stuk moeilijker. Het Amerikaanse digitalekunstplatform Electric Objects heeft daar nu een oplossing voor gevonden in de vorm van de E01, een tweedimensionaal scherm waarop je, nadat je het aan de muur hebt gehangen, direct een digitaal kunstwerk kunt downloaden.

Sinds de introductie van de eerste versie van de digitale lijst heeft het platform al voor meer dan 50.000 dollar aan digitale kunst verkocht, van kunstenaars als Ai Weiwei, Björk, Sabrina Ratté, Ghostly International, YACHT en Nicolas Sassoon. Sinds afgelopen winter hangt er bovendien permanent een display in de showroom van het New Museum in New York.

Panda to Panda, door Ai Wei Wei en Jacob Appelbaum

Eén van de kunstwerken die uit de collectie springt is WarOrPeace.net van Zach Gage. Met dit werk levert de kunstenaar commentaar op de “sensatiegerichtheid van media op geweld en terreur” – in het scherm wisselen de woorden ‘war’ en ‘peace’ elkaar af, afhankelijk van naar welke term het meest wordt gezocht volgens de dagelijkse statistieken van Google Trends.

WarOrPeace.net door Zach Gage

Het werk van Björk bestaat uit hypnotiserende videoloops uit de clip van Lionsong. De Chinese kunstenaar Ai Wei Wei en de internetactivist Jacob Appelbaum maakten samen het project Panda to Panda – een kritiek op de NSA, die volgens Levin perfect illustreert naar welke soort kunstwerken Electric Object op zoek is: werken die niet gebonden zijn aan wat de intelligentsia van de kunstwereld dicteert.

“Dit zijn twee van onze favoriete kunstenaars,” zegt Lenin. “Ze passen niet in de traditionele categorieën, en voelen zich niet beperkt door wat dan ook. Wat ons ook aan hen aanspreekt – en dat geldt voor alle andere kunstenaars met wie we samenwerken – is de waarde die ze hechten aan het bereiken van normale mensen, die ook in hun eigen woonkamer van nieuwe vormen van kunst willen kunnen genieten. Op die manier kan je boodschap een groot aantal mensen bereiken.”

Klik hier voor meer informatie over de collectie van Electric Objects.

Digital Art, Who Cares? De uitdaging van digitale kunstconservatie | The Creators Project

De nieuwe docu van ARTtube richt zich op de vraag hoe je digitale kunst moet bewaren, en wiens taak dat eigenlijk is.

Source: The Creators Project

Digital Art, Who Cares? De uitdaging van digitale kunstconservatie

Leander Roet — mrt. 18 2016

The Creators Project staat deze hele week in het teken van digitale kunst. Samen met vooraanstaande kunstenaars, curatoren, galeriehouders en verzamelaars verkennen we de kunstwereld van morgen.

Halverwege de jaren zeventig maakte Peter Struycken als een van de eerste kunstenaars ter wereld kunst op een computer. De computer was een groot, log apparaat ter grootte van een boekenkast, en stond op de Technische Universiteit in Delft. De kunst bestond uit speciale software die hij schreef om de computer kleuren te laten genereren, die hij met behulp van een tv-monitor visualiseerde. Het was destijds een primeur. Vandaag is er van dit digitale oerkunstwerk alleen nog een videoregistratie over: de broncode van de software is verloren gegaan.

Het voorbeeld illustreert de noodzaak tot conservatie van digitale kunst, en roept ook de vraag op wiens verantwoordelijkheid het eigenlijk is om een digitaal werk voor altijd beschikbaar te houden: moet de maker daarvoor zorgen, of is het de taak van het museum? De nieuwe documentaire Digital Art, Who Cares? van ARTtube, LIMA en SBMK, die hier op The Creators Project in premiere gaat, richt zich op die vraag. Aan de hand van de werken van Peter Struyken traceren filmmaker Maarten Tromp en onderzoekers Sandra Fauconnier en Nina van Doren de jonge geschiedenis van digitale kunst en kijken ze vooruit naar de uitdagingen van morgen.

Digital Art, Who Cares? laat zien hoe de modernste kunstvorm de we hebben ironisch genoeg ook de minst toekomstbestendige is. In een digitale wereld die voortdurend in beweging is, zijn de technologische snufjes van vandaag binnen de kortste keren de verouderde en achterhaalde besturingssystemen van gisteren, die in het slechtste geval niet eens meer werken. Zoals de voice-over in de video stelt: “Digitale kunstwerken zijn afhankelijk van een technologische omgeving die constant verandert. Apparatuur veroudert, en software ontwikkelt door. De kunstwerken veranderen, of gaan verloren.”

Ga naar de website van ARTtube voor meer informatie.